Opa Dorus

 

‘Opa’ Dorus Rijkers, ofwel voluit Theodorus Rijkers (28 januari 1847 - 19 april 1928) is een van de bekendste redders van schipbreukelingen uit de Nederlandse geschiedenis. Zijn grootste faam als redder verwierf hij in 1887 met een aantal barre tochten als schipper op een zelfrichtende roeireddingboot van het NZHRM-reddingstation Nieuwediep (Den Helder) naar de Duitse bark Renown. Hij is verder vooral bekend geworden als „de Heldersche Mensenredder”, symbool bij wervingsacties voor Nederlandse redders en reddingmaatschappijen.
Dorus Rijkers stamde uit een eenvoudige Heldersche familie en verliet al op zijn twaalfde jaar de school. „Twaalf ambachten en dertien ongelukken” later werd de 20-jarige loopjongen van een kruidenier „vletterman” op een geepvlet.
Al voordat hij in 1886 schipper werd op de roeireddingboot van reddingstation Nieuwediep aan de haven van Den Helder had hij in 1872 met zijn eigen boot vijfentwintig mensen van de gestrande Nederlandse bark Australia gered. Rijkers en zijn bemanning redden de opvarenden en de loods en kregen daarvoor 220 gulden maar de bergers kregen voor de lading koffiebonen en suiker 1300 gulden.

Dorus Rijkers en zijn bemanningen droegen in zijn vijfentwintig dienstjaren bij aan de redding van meer dan vijfhonderd zeelieden totdat in 1911 -op vierenzestigjarige leeftijd- het reddingwerk hem te zwaar werd. Weinig verwonderlijk in een tijd dat de mannen in een roeireddingboot de woelige zee moesten bedwingen die zojuist een groter schip fataal was geworden.

Opa

De geuzennaam Opa kreeg hij nadat hij als jonge twintiger door een huwelijk met de vissersweduwe Kuipers stiefvader was geworden van zes kinderen, van wie de jongste acht maanden oud, maar er één al snel zelf kinderen kreeg - vanaf dat ogenblik noemde heel Den Helder hem gekscherend „Opa”. Dorus Rijkers zelf werd de vader van een kind; een dochter die hem op zijn oude dag verzorgde.

Monument

De dood van Dorus Rijkers op 19 april 1928 was aanleiding een comité in het leven te roepen voor de oprichting van een monument, dat in de persoon van Opa alle zeeredders zou eren. Het duurde nog tot 4 juni 1935 voordat dit Nationaal monument voor het Nederlandse Reddingswezen in de vorm van een carillon met een dertigtal klokken door Koningin Wilhelmina onthuld zou worden. Het plein vlak bij het oude gemeentehuis waar het monument staat heette destijds het Westplein, maar is later hernoemd tot Helden der Zeeplein. In de volksmond wordt het monument ook vaak het „Helden der Zeemonument” of kortweg „het carillon” genoemd. Naar aanleiding van het 175-jarig bestaan van de (voorgangers van de) KNRM is het monument in 1999 gerestaureerd.

Borstbeeld

Op 15 juli 1939, kreeg Dorus door een schenking van het Helden der Zeefonds ook een echt persoonlijk ‘monument’ in de vorm van een bronzen buste (ontwerp: mevr. I.A.L. van Beek Calkoen) die aanvankelijk vlak voor de opgemetselde zeedijk bij het carillon een onderkomen vond.

Tijdens de Tweede Wereldoorlog is het beeld ter bescherming verwijderd en in 1950 opnieuw opgesteld, maar nu in een van de Dorus Rijkers hofjes vlakbij de oorspronkelijke plek. In 2003 is bovendien nog een tweede afgietsel gemaakt voor gebruik in het Nationaal Reddingmuseum, waar ook de originele gietmallen terechtgekomen zijn.

Bron: Wikipedia

 

 

 

Literatuur: J.T. Bremer en L.R. Deugd: Een eerlijk zeemansgraf (2004)